Welkom op mijn blog

graag neem ik je mee in mijn wereld van Scandinavische invloeden op het gebied van leefstijl en eten maar vooral veel dingen die mij bezig houden en interesseren. Deze leg ik vast met mijn camera en in woorden die je hier kunt zien en lezen

Fastelavn

Wij zijn geen carnavalisten. Niet mee opgegroeid en dan is de traditie niet ingesleten in je leven. Wat ik om ons heen zie is dat het goed gevierd wordt, ook in de Achterhoek. Praalwagens, de gekozen prinsen, pronkzittingen, we krijgen het allemaal mee.


Ook in Scandinavië wordt carnaval gevierd. Fastelavn heet het daar. Die naam lijkt precies op vastelaovond zoals carnaval in het zuiden van ons land heet. De tradities zijn iets anders dan dat het in Nederland gevierd wordt. Vooral met dit lekkere broodje.

Dit gevulde broodje heet in Denemarken en Noorwegen fastelavnsbolle, in Zweden semla en in Finland laskiaispulla.


De semla werd traditioneel alleen de dinsdag zeven weken voor Pasen gegeten maar tegenwoordig eet men het al vanaf januari tot carnaval. De variaties zijn eindeloos. De semla is gevuld met room en amandelspijs en wordt bestrooid met poedersuiker, de fastelavnsbolle met (slag)room en erop glazuur en versiering. Maar tegenwoordig zie je de broodjes ook gevuld met jam, nutella en ander lekkers.


De Noorse Ina van Mat Paa Bordet matpaabordet.no/2020/02/20/eltefrie-fastelavnsboller-med-vaniljekrem-og-sjokoladeglasur/heeft een heel lekker recept van niet kneden fastelavnsboller. Dit is voor mij nu een uitkomst met nog niet helemaal goed uit de “voeten” kunnen in de keuken. De ene dag roer je het deeg, zet het een nacht in de koelkast (kan tot 4 dagen erin blijven) en bak het de dag er na.


Het resultaat is een heerlijk smakelijk zacht broodje met een vanillevulling en een lekker laagje chocolade glazuur. Je kunt het vergelijken met het Hollandse roombroodje.


Het recept volgt hieronder, want ook al is het carnavalsfeest voorbij zo’n broodje is altijd lekker. Je kunt dit deeg ook prima gebruiken voor het maken van kaneelbroodjes. Variaties komen later deze week aan bod.


Ingrediënten voor 12-15 stuks:


Deeg:

600 gram bloem

100 gram suiker

1 theelepel kardemom

2 theelepels droge gist

100 gram boter of margarine

200 ml melk

100 ml water

1 ei


Vanille crème:

500 ml melk

4 eidooiers

100 gram suiker

35 gram maïzena

1 theelepel vanille extract (zakje vanillesuiker)

200 ml slagroom

1 eetlepel suiker


Chocoladeglazuur:

100 gram poedersuiker

25 gram cacao

Melk


Zo maak je het:

Deeg:

Meng bloem, suiker, kardemom en droge gist in een grote kom. Smelt de boter of margarine in een pan. Voeg de melk en het water toe. Verwarm tot vingerwarm. Mix het ei er doorheen.


Doe het melkmengsel in het meelmengsel en roer samen tot een kleverig deeg. Dek af, bv met een grote plastic zak. Laat op je aanrecht of andere warme plek twee uur staan tot ongeveer verdubbeld. Zet het deeg in de koelkast tot de volgende dag. (tot vier dagen na het maken kun je het gebruiken)


Maak de vanillecrème. Roer de eidooiers, suiker, maïzena en vanille extract/suiker door elkaar in een kom. Verwarm de melk tot net onder het kookpunt. Giet het mengsel bij de eidooiers door een fijnmazige zeef, terwijl je blijft roeren. Doe dan het ei/melkmengsel weer terug in de pan en laat tot kookpunt komen terwijl je blijft roeren. Al roerende dik en gaar laten worden tot een gladde dikke crème. Doe de crème in een kom en leg er gelijk een velletje vershoudfolie op om velvorming tegen te gaan. Laat afkoelen in de koelkast. (room en suiker voeg je later toe) Dit roommengsel kun je twee dagen in de koelkast bewaren.


Nu ga je de bolletjes bakken. Stort het koude deeg op een met meel bestrooid aanrechtblad of tafel. Deel het in 12-15 stukken en vorm tot bolletjes. Leg ze op een bakplaat waar een vel bakpapier op ligt en laat 1 uur rijzen tot dubbel zo groot. Dit kun je in bv de oven doen met alleen het lichtje aan. Leg er een met iets olie ingevet stukje vershoudfolie erover om uitdrogen te voorkomen.


Verwarm de oven voor op 220 graden Celsius.


Na 1 uur, bestrijk de bovenkant van de bolletjes met losgeklopt ei of, zoals ik deed, met koffiemelk. Bak 12 minuten midden in de voorverwarmde oven tot goudbruin en gaar. Laat afkoelen op een rooster.


Nu mix je de slagroom met de suiker tot stevig. Roer de vanillecrème los en voeg de slagroom toe en roer goed door elkaar.


Maak het chocolade glazuur. Roer de poedersuiker en cacao samen en voeg een heel klein beetje melk toe. Roer tot een dik glazuur.


Serveren: Snij een bolletje doormidden, spuit met een spuitzak het roommengsel op de onderste helft. (je kunt het ook met een lepel doen) Dip de bovenkant in het glazuur en leg terug op de onderste helft. Versier met wat je wilt.


De gemakkelijke manier is om nadat je het broodje hebt gevuld en de bovenkant hebt terug gelegd, te bestrooien met poedersuiker.


Velbekomme!